10 maart, 2020

Over de kunst van het samenspelen

Yves Peeters is een man met veel gedaantes: gedreven drummer, crossover muzikant, inspirerende leerkracht, voetbal-fan én enthousiaste papa van een zoon en een dochter. Al 13 jaar geeft hij les op MAAK en ondertussen is hij één van de vaste waarden in ons jazz-pop-rock-team. Een vriendelijk en geduldig man met een heldere kijk op wat hij doet en wil. Een gesprek.

MAAK was één van de pioniers in Vlaanderen om een jazzopleiding binnen het DKO op de kaart te zetten. Hoe heb jij dit ervaren?

Isolde Lasoen was mijn voorganger. Zij was de eerste jazzleerkracht voor drum in onze academie. Toen ik hier startte - zo’n 13 jaar geleden - was de jazzafdeling al in volle opbouw. Het pionierswerk moet een vijftal jaar eerder gebeurd zijn. Er was een goede en open sfeer onder collega’s en jazz en lichte muziek werd in Knokke-Heist niet gemarginaliseerd of met een scheef oog bekeken. Van concurrentie met de klassieke afdeling was weinig sprake. Dat was op andere academies in Vlaanderen vaak wel anders. MAAK was dus zeker een pionier om jazz en lichte muziek op een volwaardige en volwassen manier te behandelen. Gelukkig zijn de meeste academies daarin nu wel bijgebeend. 

Welke evolutie heb je gezien binnen de jazz-pop-rock afdeling in al die jaren?

Sinds enkele jaren kunnen kinderen vanaf acht jaar al starten met jazz-pop-rock. Dat was voor ons team een grote verandering. Het vergt een totaal andere didactische aanpak om een achtjarige zonder vooropleiding les te geven dan een twaalfjarige die eerst vier jaar klassieke opleiding gevolgd heeft. Dat heeft zeker voor een grote verjonging gezorgd in onze klassen en dat vind ik positief. Het feit dat leerlingen al op heel jonge leeftijd een keuze moeten maken tussen klassiek en jazz-pop-rock vind ik niet vanzelfsprekend. Het lijkt me moeilijk om op achtjarige leeftijd al een bewuste keuze te maken. Een groot voordeel van het nieuwe systeem is wel dat leerlingen in 2.4 al combo krijgen. Hoe vroeger je daarmee kan starten, hoe beter - zeker in onze richting.

Wat is het grote verschil tussen een slagwerkles in de klassieke richting en een les bij jou?

Het technische verhaal is hetzelfde, maar het repertoire is anders. Volgens mij is er in jazz-pop-rock ook meer aandacht voor het leren samenspelen. In klassiek komt dan weer het melodische slagwerk meer aan bod.

In mijn eigen lessen probeer ik de leerlingen zo snel mogelijk klaar te stomen voor de lessen combo. Ik doe dat door ze bijvoorbeeld te laten meespelen met een pop- of jazznummer en de structuur te leren herkennen.

Hoe ben je zelf met jazz begonnen?

Ik ben eigenlijk pas op mijn 17de naar jazz beginnen luisteren. Het sprak me heel erg aan maar eerlijk gezegd, ik begreep er in het begin weinig tot niets van (lacht). Eigenlijk heb ik jazz ontdekt dankzij een actie van de krant De Morgen waarmee je punten kon inzamelen voor een verzamel-cd en een encyclopedie over jazz. Die cd heb ik echt grijs gedraaid. Er stonden nummers op van o.a. Duke Ellington, Art Blakey en Chet Baker. Van toen af trok ik ook regelmatig naar de bib om meer cd’s te ontdekken van die artiesten. Dat was nog voor de tijd van Youtube en Spotify (lacht).

Mijn eerst jazzlessen kreeg ik op mijn 18de van Dré Pallemaerts op een muziekkamp van de Halewynstichting in Dworp. Een paar maanden later werd Dré mijn leerkracht aan het Lemmensinstituut, een geweldige drummer en zeer inspirerende leraar!

Welke vooropleiding deed je voor je met jazz startte?

Op mijn dertiende ben ik met klassiek slagwerk begonnen aan de academie van Merksem en speelde ik mee in de harmonie van Ekeren-Donk. Al gauw vormde ik met enkele vrienden ook een bandje. We speelden rock en grunge covers, maar maakten ook eigen nummers die toch wel vrij ruig te noemen waren - richting metal. We traden vooral op in fuifzalen en jeugdhuizen. De passie voor het samenspelen en optreden heb ik zo ontdekt. Maar ook van het spelen in de harmonie heb ik veel geleerd: van partituren spelen, een dirigent volgen …

Hoe komt dat je pas zo laat met drum gestart bent?

Het is als kind altijd mijn droom geweest om te drummen. Ik maakte zelf een drumstel met potten en pannen maar een écht drumstel kreeg ik van mijn ouders pas als ik mijn notenleer tot een goed einde bracht. Ik geef het niet graag toe maar het inzicht dat notenleer echt wel belangrijk is, kwam bij mij helaas pas op latere leeftijd. Vandaar dat ik mijn leerlingen nu heel hard aanmoedig om goed te werken voor de theorievakken (lacht)!

Speel je zelf soms klassiek?

Ik zie mezelf zeker niet als klassiek slagwerker. Moeilijke partituren zomaar prima vista spelen is niet aan mij besteed. Wel heb ik enkele jaren geleden een cd opgenomen met het ensemble ‘Bel Ayre’ van sopraan Lieselot De Wilde en gitarist Peter Verhelst. We speelden bewerkingen van Napolitaanse liederen en ik begeleidde op percussie - o.a. op cajon. Zonder uitgeschreven partituren, maar met de vrijheid om te zoeken naar de juiste klanken en invulling. Met Bel Ayre hebben we o.a. op het Klara Festival in De Singel gespeeld en ook op het Lenteconcert in het Koninklijk Paleis. Een heel andere wereld voor mij, maar ontzettend tof om te doen!

Wie zijn jouw lievelingscomponisten in het jazzgenre?

Ik hoor zeer graag oude jazz standards. Vaak zijn dat melodieën uit Broadway musicals van de jaren 30 en 40. Daar-naast hou ik ook van de eigenzinnige composities van bassist Charles Mingus en pianist Thelonious Monk. Wat muziek voor grotere bezettingen betreft ben ik vooral fan van Gil Evans en Maria Schneider - Maria werkte o.a. samen met het Brussels Jazz Orchestra. Dichter bij huis vind ik Bert Joris een geweldig componist!

Heb je ook klassieke componisten waar je een klik mee hebt?

Bij het luisteren naar muziek hangt mijn voorkeur steeds af van mijn stemming op dat moment, dat is zeker ook bij klassieke muziek. De laatste tijd luister ik regelmatig naar muziek van John Downland en Purcell, maar ik kan evengoed genieten van de pianoconerto’s van Rachmaninoff en Chopin of van het ‘Adagio voor strijkers’ van Samuel Barber.

Favoriete drummer aller tijden en waarom?

Ik heb veel favorieten. In jazz zijn dat vooral Billy Higgins en Joey Baron, in pop denk ik aan Steve Gadd en Jim Keltner. Brian Blade is ook één van mijn favorieten. Een zeer muzikale drummer met een persoonlijke en organische klank. Hij heeft met zeer veel grote namen en in diverse genres opgenomen en opgetreden - o.a. met Joni Mitchell, Bob Dylan, Wayne Shorter …

Wat is je meest bijzondere concertervaring als drummer?

Ik heb mooie herinneringen aan een concert met Tutu Puoane in 2004. We speelden in het voorprogramma van jazzpianist Dave Brubeck in een uitverkocht Openluchttheater in het Rivierenhof (Antwerpen). In een festival in Rabat (Marokko) speelden we samen met lokale muzikanten. Het publiek was super enthousiast, niet te vergelijken met de vaak ingetogen reacties van een Belgisch publiek. Een fantastische ervaring. Maar ik speel ook heel graag in cafés en clubs. Je hebt daar een directer contact met je publiek.

In welke bezetting speel je zelf?

Ik heb momenteel twee eigen projecten. 'Kleptomatics', een brassband met zes blazers en mezelf op drums én 'Haven', een jazzkwartet waarmee we eigen bewerkingen spelen van traditionals uit de hele wereld. Daarnaast speel ik ook bij 'Harvest Group' van gitarist Guillaume Vierset, 'Barnill Brothers', 'Belcirque' en 'Saragon'. Saragon is trouwens met Anneleen Boehme op contrabas, voormalige leerlinge én lerares op MAAK.

Hoe combineer je dat allemaal?

Niet elke groep is constant actief waardoor het meestal goed te combineren valt. Maar soms zijn er periodes waarin verschillende projecten samenvallen. Dan probeer ik mijn gezinsleven, het lesgeven en de concerten op elkaar af te stellen en duim ik dat het allemaal lukt.

Maak je nog veel internationale tournees?

De laatste jaren niet meer. Vroeger heb ik regelmatig tournees gespeeld in Duitsland, Finland, Portugal, Litouwen en ook één keer in Mali en Zuid-Afrika. Nu speel ik slechts af en toe in het buitenland, maar dat is dan meestal voor één of twee concerten, geen echte tournee dus.

Je speelde samen met verschillende bekende namen zoals Kris Defoort, Frank Vaganée en Bert Joris. Wat heb je van hen geleerd?

Je merkt gewoon aan alles dat muzikanten van dat kaliber enorm veel ervaring hebben en hun instrument ongelooflijk beheersen. Als je met hen samenspeelt, tillen ze je écht naar een hoger niveau. Ze hebben zo’n sterke muzikale persoonlijkheid dat je eigenlijk niet anders kan dan meegaan in hun ideeën.

Je nam verschillende cd’s op. Welke evolutie zit er in je werk?

Ik speel mee op een twintigtal albums. Vroeger waren dat vooral jazzalbums, de laatste jaren meer diverse genres: singer-songwriter, brassband, akoestische muziek met Arabische invloeden … Ik speel nu ook meer percussie. De opnames die ik maak zijn steeds met vaste bands waarin ik speel. Ik beschouw mezelf zeker niet als een sessiemuzikant.

Welk soort leraar wil je zijn?

Ik probeer mijn leerlingen te motiveren, niet alleen om te oefenen maar ook om zelf op ontdekking te gaan en samen met vrienden muziek te maken. Veel leerlingen zijn buiten de lessen weinig met muziek bezig. Als ik hen kan aanmoedigen om af en toe naar een concert te gaan of eens naar andere muziek te luisteren dan ze gewoon zijn, dan ik ben ik een zeer tevreden leraar! (lacht)

Wat geeft je het meest voldoening aan je job?

Het mooiste vind ik om leerlingen door de jaren heen als mens en als muzikant te zien evolueren. Het is uniek aan onze job dat we gedurende zo’n lange periode eenzelfde leerling kunnen begeleiden.

Wat is voor jou het grote verschil tussen een klassiek geschoolde en een jazzmuzikant?

Voor mij is dat geen punt. Wat mij aanspreekt is de interactie tussen muzikanten. Uiteraard komt er bij jazz meer improvisatie aan te pas en wordt er bij pop-rock minder met partituren gewerkt, maar de magie van samen muziek maken heeft niets met genres te maken. Zelf hou ik heel erg van crossover, de kruisbestuiving tussen verschillende stijlen. Ik zoek dat ook op in mijn eigen projecten.

Wat kan een 'jazz-drummer' van een 'klassieke drummer' leren en vice versa?

Je kan van elk type muzikant of artiest leren. Van andere muzikanten kan je leren hoe ze bijvoorbeeld op timing werken. Van een zanger of een acteur kan je dan weer leren hoe hij voor een publiek staat.

Wat is het geheim van een goede drummer?

Je moet goed kunnen luisteren naar de anderen terwijl je speelt – dat is zeker geen evidentie, maar wel ongelooflijk belangrijk. Daarnaast moet je ervoor zorgen dat je de rest van de band zo goed mogelijk ondersteunt en dat je probeert om steeds in balans te spelen zodat je niemand overstemt.

Wat zijn jouw grote passies buiten muziek?

Ik lees heel graag en ben erg geïnteresseerd in geschiedenis. Momenteel ben ik bijvoorbeeld de podcast aan het beluisteren van Johan Op de Beeck over Napoleon - ideaal voor tijdens lange autoritten! En voetbal kijken doe ik ook heel graag. Mijn zoon speelt elk weekend een wedstrijd en ik probeer zo veel mogelijk te gaan kijken. Ik ga met hem ook regelmatig naar thuiswedstrijden van AA Gent.

Literatuur of poezie?

Literatuur, zowel fictie als non-fictie. Het boek dat ik meest recent gelezen heb is 'Godenslaap' van Erwin Mortier, een aanrader!

Schilderkunst of fotografie?

Fotografie. Ik ben er vroeger een tijdje mee bezig geweest en zou me er graag opnieuw op toeleggen.

New York of Londen?

Voor een jazzmuzikant is New York zonder twijfel een must. Ik ben al verschillende keren in New York geweest, vooral om concerten te zien. Elke avond kan je daar naar de beste muzikanten gaan kijken in kleine clubs. Het is geweldig om hen in zo’n intieme sfeer aan het werk te kunnen zien.

Vrijdagavond of zondagochtend?

Allebei zeer fijn, maar vrijdagavond draagt toch mijn voorkeur weg. Het is het begin van het weekend, iedereen is ontspannen en we maken er vaak een gezellige familie-avond van. Uiteraard heb ik ook geregeld optredens op vrijdagavond - ook leuk om te doen!

George Gershwin of Toots Thielemans?

Dan kies ik voor Toots Thielemans. Ik heb hem veel zien optreden, een fantastisch muzikant met een zeer warme uitstraling! Ik vind het jammer dat ik nooit met hem heb kunnen samenspelen.

Deze maand koppelen we een prijsvraag aan het interview. Wil jij graag een cd van één van Yves Peeters' projecten winnen? Geef dan voor 25 maart 2020 het antwoord op de volgende vraag door via maak@knokke-heist.be: Met welk eigen project heeft Yves Peeters een album uitgebracht in 2019? Het antwoord vind je op https://www.yvespeeters.com/. De prijs is het album in kwestie. We hebben vijf stuks te geef. Waag je kans!